maykedecock.reismee.nl

Sponsorgeld

781,85 Euro is het totaal aan donaties dat een aantal van jullie me heeft meegegeven om te besteden aan een goed doel hier in Kameroen. Ik heb een mooi project gevonden waar ik dit aan uit wil geven. Ik zal proberen jullie een beeld te geven van het project waaraan ik dit geld wil besteden.

 

In de maanden dat ik hier heb gezeten, heb ik gemerkt dat er heel veel verschillende, soms elkaar tegensprekende en hierdoor vaak verwarrende boodschappen worden verspreid als het gaat om HIV/AIDS. Hierdoor is het voor een groot deel van de mensen hier totaal onduidelijk of je nu wel of niet HIV kunt krijgen als je uit dezelfde beker drinkt als een HIV-patiënt, of muggen nu wel of niet het HIV virus over kunnen brengen en of het virus zich nu wel of niet in tranen, zweet of speeksel bevindt. Doordat er veel verwarring en vooral onzekerheid is, wordt het taboe op HIV eigenlijk alleen maar groter en hebben HIV-patiënten het alleen maar zwaarder.

 

Op de scholen in de omgeving zijn zogenaamde ‘health clubs’ gesticht door AROH. Bij deze clubs worden kinderen onderwezen over HIV/AIDS. Wat mij ontzettend hard nodig lijkt, vanwege het zojuist geschetste probleem, is een eenduidig en duidelijk verhaal over HIV/AIDS dat kan worden overgebracht op de leerlingen. Hiervoor wil ik boeken aanschaffen waarin alles duidelijk en makkelijk staat wat mensen over HIV/AIDS moeten weten. Hierbij wil ik, in samenwerking met wellicht een andere student die het project daadwerkelijk gaat uitvoeren, Henry en de contactpersoon voor AROH in Nederland opdrachten gaan ontwikkelen zodat de leerlingen de informatie ook echt tot zich nemen. Om dit programma goed aan de ‘health club teachers’ uit te leggen zal een soort van seminar georganiseerd moeten worden om deze mensen voor te lichten over hoe ze het materiaal kunnen gebruiken.

 

Als laatste, om de problematiek wat dichter bij de mensen te brengen en om aan te tonen dat er echt HIV/AIDS-patiënten bestaan (daar wordt helaas nog weleens aan getwijfeld) heb ik een projectje al een klein beetje in gang gezet om HIV-patiënten hun ervaringen omtrent hun ziekte op te schrijven, ze hier een kleine vergoeding voor te geven en hier uiteindelijk een soort van bundel van te maken. Deze bundel kan onderdeel worden van het lesmateriaal en kan eventueel ook uitgedeeld worden op andere centrale punten in de omgeving. Dit laatste idee is een beetje onder voorbehoud, omdat goed gekeken moet worden of de anonimiteit van de deelnemers wel gegarandeerd kan worden en of dit op afstand een beetje gecoördineerd kan worden. Over een week ben ik hier tenslotte al weg.

 

Ik hoop jullie voor nu voldoende geïnformeerd te hebben. In Nederland ga ik verder aan de slag met dit project en daarover houd ik jullie uiteraard op de hoogte.

 

Groetjes,

 

Mayke

4 reacties | Reageer

Afscheid

Volgende week dinsdag zal ik afscheid moeten nemen van Banga en Kameroen. Met gemengde gevoelens zie ik dit tegemoet, maar het verlangen om weer in Nederland te zijn overheerst. Toch zijn er een aantal dingen die ik echt zal gaan missen als ik weer in Nederland ben.

 

-          Om te beginnen Sam. De afgelopen weken hebben Sam en ik wat minder met elkaar opgetrokken, wat goed is, want ik denk dat ik hem, maar hij mij ook, nu beter kan loslaten. Toen ik aankwam doolde Sam verveeld rond op het ziekenhuisterrein, op zoek naar een bezigheid en aandacht. Hij fleurde dan ook erg op als hij aandacht kreeg en mijn komst zal voor hem dan ook een geschenk uit de hemel geweest zijn. Want ook ik doolde eenzaam rond op het ziekenhuisterrein op zoek naar een bezigheid en vooruit, ook een beetje aandacht. Ook voor mij was Sams aanwezigheid dus een geschenk uit de hemel. Ik herinner me nog goed dat hij bij één van mijn eerste morningdevotions naast me kwam staan, ik kende hem nog niet echt, en mijn hand pakte. Dat voelde zo fijn, omdat ik de rest van de mensen erg afstandelijk en moeilijk te peilen vond en hij dus de eerste was die wat meer contact zocht. Helaas werd dit meteen afgestraft door de pastoor, want iemands hand vastpakken tijdens het gebed kan natuurlijk niet. We voelden ons allebei dus een beetje minder eenzaam door elkaars aanwezigheid en zijn op die manier erg aan elkaar gehecht geraakt. Soms een beetje té, heb ik ook weleens gedacht. Want wat Sam niet besefte en ik wel, was dat ik op een dag afscheid van hem zou moeten nemen en dat hij dan weer eenzaam achter zou blijven en wellicht weer verveeld rond zou dolen op het ziekenhuisterrein. Gelukkig diende een nieuw geschenk uit de hemel zich aan: Franklin, Sams grote broer en een ontzettend lieve en soms een beetje ondeugende jongen. Sinds Franklins komst is Sam een beetje minder in de buurt van de whitemen en speelt hij meer met de andere kinderen op het ziekenhuisterrein. En dat is ontzettend leuk en goed om te zien. Meer en meer heeft hij onbewust een beetje afstand gedaan van mij en de andere whitemen en hoewel ik dat soms stiekem een beetje jammer vind, weet ik ook dat het veel beter is zo en ben ik blij dat ik hem met een wat geruster hart achter kan laten. Temeer ook omdat ik weet dat er plannen zijn om hem en Franklin binnenkort naar school te sturen, waar de twee ook echt aan toe zijn. Voorlopig moeten ze nog voor hun zieke moeder zorgen en is het onduidelijk wanneer ze kunnen beginnen, maar ik heb er vertrouwen in dat het binnen niet al te lange tijd gaat gebeuren. Om een lang verhaal kort te maken: ik ga Sam erg missen, hij heeft echt een speciaal plekje in mijn hart veroverd, maar ik laat hem achter met het gevoel dat het wel goed met hem komt. En dat had ik een paar maanden geleden niet durven dromen.

 

-          Ten tweede, mijn vriendinnetje uit Banga wiens naam ik nu even niet zal noemen. Dit meisje van 19 jaar is één van de weinigen bij wie ik me echt thuis voel. Ik kan met haar geen hoogstaande intellectuele gesprekken voeren, ze is zoals velen voortijdig gestopt met school en heeft heel veel moeite met lezen en schrijven, maar waar ik bij anderen toch vaak het gevoel heb dat ze me soms zullen veroordelen om dingen die ik anders doe of geloof dan zij, heb ik dat bij haar niet. Ze kan heel hard lachen als ik iets doe of zeg wat zij niet snapt, maar veroordelen zal ze me nooit. En waar ik bij anderen vaak het gevoel heb dat ze toch iets van me verwachten vanwege mijn huidskleur die symbool staat voor heel veel geld, heb ik ook dat bij haar niet. Dat betekent niet dat ze me niet rijk vindt. Zo vroeg ze een keer waar ik mijn haar zou laten doen als ik hier zou wonen. Ik antwoordde, heel onschuldig, dat ik dan denk ik naar de grote stad zou gaan om mijn haar te laten doen door een whitemen’s kapper. Haar antwoord: ‘Dus jij gaat helemaal naar Douala of Yaoundé om je haar te laten doen? Dan ben je echt rijk!’. En daar had ze natuurlijk gelijk in, ik schaamde me ook een beetje toen ze dit zei. Maar zoals ik zei, dit is niet een meisje dat vervolgens verwacht dat ik van alles voor haar koop, omdat ik een rijke whiteman ben. Dit is een meisje dat het gewoon, zonder allerlei verwachtingen, leuk vindt om met mij om te gaan en dat is een gevoel, of het nu terecht is of niet, wat ik bij veel anderen niet heb.

 

-          Dan, ten derde, de vriendelijkheid en behulpzaamheid van de Kameroeners. Begrijp me niet verkeerd, ik vind Nederlanders ook heel aardige mensen, maar tegen de Kameroense vriendelijkheid kan denk ik bijna geen één volk op. Overal waar je bent word je door allerlei mensen aangesproken die je, zonder er meteen iets voor terug te verwachten, willen helpen. Dat is waarschijnlijk enerzijds omdat ik een blank, blond meisje ben, dat begrijp ik ook wel. Anderzijds is dat omdat de Kameroeners gewoon echt heel behulpzaam, eerlijk en betrouwbaar zijn: je wordt zelden ontzettend afgezet of bedrogen.

 

-          Ten vierde, het gevoel Angelina Jolie te zijn. Het is misschien niet altijd even prettig en ik ben dan ook blij dat ik niet echt Angelina Jolie ben, maar ik heb me zelden zo welkom gevoeld als hier, met iedereen die met je wilt praten en naar je wilt zwaaien.

 

-          Als laatste, en dat klinkt misschien raar, zal ik de corruptie die hier op o zo grote schaal plaatsvindt op sommige momenten missen. Deze corruptie, die inhoudt dat je door ofwel de juiste relaties ofwel geld alles voor elkaar kunt krijgen, kan dingen mogelijk maken eerst onmogelijk leken. Een voorbeeld hiervan is het verkrijgen van een kaartje voor de nachttrein naar het noorden. Omdat de kerstvakantie net was begonnen en iedereen dus terug naar zijn familie ging, waren alle kaartjes voor de nachttrein uitverkocht. En dat was balen, want zoveel tijd hadden we nu ook weer niet om in het noorden te spenderen. Maar goed, enigszins ervaren als ik inmiddels in Kameroen ben weet ik dat er altijd manieren zijn om dingen gedaan te krijgen en ging ik buiten staan, op een plek waar zoveel mogelijk mensen me konden zien, gooide mijn blonde haar los en probeerde zo zielig/lief mogelijk te kijken. En wel ja, een jongen die erg veel medelijden met me had kwam naar me toe om te zeggen dat ik met één of andere hoge pief moest gaan praten, hij kon misschien wel wat regelen. En dat werkte, zeker toen ik met mijn allerzieligste gezicht vertelde dat we van ver waren gekomen en dat dit al onze plannen in duigen zou laten vallen. Tien minuten later en drie minuten voor het vertrek van de trein zaten we, voor een redelijke prijs, in de restaurantwagon van de trein met een ticket en konden we dus gewoon het geplande aantal dagen in het noorden doorbrengen. Ja mensen, ik weet dat het allemaal wel heel goedkoop klinkt, maar het werkt wel. En dat is toch wel heel erg prettig om eerlijk te zijn. Ik hoop dat jullie nu een beetje begrijpen dat corruptie ook zijn prettige kanten heeft. Al wegen deze uiteraard niet op tegen al het machtsmisbruik wat ook onder de noemer ‘corruptie’ valt, begrijp me niet verkeerd.

 

Maar al met al kijk ik erg uit naar Nederland. Naar mijn familie en vrienden, de kou (ja, echt waar), de albertheijn,het comfortabele openbaar vervoer waar je niet met pijn aan al je botten en kletsnat van het zweet van uitstapt, GTST, een bed zonder kuil en de eigen, vertrouwde, Nederlandse cultuur. Dat is me het meest tegengevallen hier. Ik had gedacht dat ik redelijk goed zou kunnen mengen met de lokale mensen en hun cultuur hier. Nu heb ik heel veel leuke contacten opgebouwd met Kameroeners, maar zal ik me nooit echt thuis kunnen voelen zoals ik dat in Nederland kan. Er zijn bepaalde omgangsregels waar ik gewoon echt niks mee kan. Ik heb een keer een weblog geschreven over de enorme gulheid van mensen hier. Dat is iets waar ik niet mee heb kunnen leren omgaan. De mensen zijn té gul. En vooral te weinig kritisch over waar hun giften aan besteed worden. Als iemand geld vraagt aan een familielid om de studie te sponsoren en het vervolgens gebruikt om kleding te kopen, is dit voor het desbetreffende familielid geen reden om de volgende keer niks meer te geven. ‘Als ze erom vraagt zal ze het voor haar gevoel wel nodig hebben’ is geloof ik een beetje de redenatie. Prima allemaal, maar daar zou ik nooit mee kunnen leren leven. En mensen hier zouden nooit kunnen accepteren dat ik daar niet mee kan leven. Als blanke heb je veel geld en dat hoor je dus ook te delen. Zo kwam een soort vriendin uit Banga laatst naar me toe met het verhaal dat haar vader bestolen was van allerlei koelkasten die bedoeld waren voor de verkoop, met de impliciete vraag of ik de schade misschien kon vergoeden. Tja, ik kan wel zeggen, je voelt je dan toch behoorlijk lullig als je dit moet weigeren met de wetenschap dat iedere rijke Kameroener hier waarschijnlijk zijn steentje aan bij had gedragen.

 

Dus, ik heb heel veel zin om Nederland en jullie vanaf volgende week donderdagochtend weer te zien. Tot snel!

 

Liefs,

 

Mayke

7 reacties | Reageer

Shouting for fire from the holy ghost

Gisteren was ik uitgenodigd door Beatrice, een vriendin uit het dorp bij de dienst van de ‘Tabernacle church’. Ik had er niet echt veel zin, de diensten hier duren gemiddeld 3 uur en het is meestal snikheet, maar beloofd is beloofd en om 09.30u zat (of liever gezegd stond, de diensten beginnen meestal staand met veel gezang en gedans) ik dus naast Beatrice bij de dienst. De kerk zag er al anders uit, het was meer een soort openluchtevenement en veel massaler dan wat ik gewend was, maar dat het zo anders zou worden dan gewoonlijk had ik niet verwacht.

 

Tot een uur of 11 was de dienst zoals gewoonlijk. Het grootste gedeelte dodelijk saai om eerlijk te zijn. Maar toen werden alle stoelen aan de kant gezet. Een beetje verward keek ik om me heen, het was een beetje alsof de disco van start ging of zo, maar Beatrice legde me uit wat er te gebeuren stond: ‘We’regoingtoshoutforfirefrom the holyghost.’. Oké, heel verhelderend. Nou ja, ik moest het maar over me heen laten komen, rond 12 uur zou de dienst wel afgelopen zijn. De ‘prophet’ nam het woord en we moesten hem napraten. Wat ik precies gezegd heb weet ik niet meer, maar in grote lijnen heb ik tegen de ‘evil spirits’ in mij gezegd dat ze mijn lichaam moesten verlaten.

Dat ging goed, napraten is namelijk niet al te moeilijk. Maar hierna ging men individueel, maar wel door elkaar, al improviserend verder met het verdrijven van alle kwade geesten. Vanaf toen heb ik minstens 2,5 uur lang met mijn mond open en mijn ogen groter dan dat ze ooit geweest zijn het spektakel dat zich ontpopte aanschouwd. Daar stond ik dan, als blank meisje, tussen honderden Kameroeners die hun uiterste best deden om zich van allerlei kwade geesten te ontdoen. De profeet, die een bekende bleek te zijn; er schijnen elke zondag mensen uit de hele provincie te komen om zijn dienst bij te wonen, liep tussen de mensen door om soms wat te helpen. Om hem heen liepen allemaal sterke jongens, de ‘ushers’ (geen idee hoe je dit schrijft), om alle mensen op te vangen die om de beurt op de grond vielen. Ik vroeg me af hoe ze wisten welke mensen om gingen vallen, maar na een uur begon ik hier zelf ook oog voor te krijgen: de persoon in kwestie raakte op een gegeven moment in een soort van trance en begon te trillen en een beetje te wiebelen. Dan renden de ushers eropaf en vingen hem/haar op wanneer de persoon viel. Deze mensen werden dan zo snel mogelijk naar het midden van de kerk gebracht (als ze tenminste mee wilden werken, sommigen verzetten zich hevig), waar ze vervolgens ofwel in hun eentje bij konden komen ofwel waar ze door de profeet geholpen werden om de geest, die bij sommigen maar niet wilde verdwijnen, te verdrijven. Onder hen was een meisje van een jaar of 10. Zij was ook gevallen tijdens het verdrijvingsritueel. De profeet ontdekte dat er een geest in de vorm van een dier in haar zat. Hij vroeg het dier om het lichaam van het meisje in zijn vorm te laten transformeren. Even dacht ik oprecht dat ik het neusje van het kind zou zien veranderen in een slurf en dat haar oren de vorm van die van een olifant aan zouden nemen. Maar toen landde ik weer op aarde en ontdekte ik tot mijn opluchting dat ik me alleen maar even mee had laten slepen door al deze heftige emoties. Het meisje ging wel bewegen als een slang, de evil spirit bleek dus een slang te zijn. Een ander jongetje werd helemaal gek, agressief en rolde met zijn ogen. Een meisje van een jaar of 15 had volgens Beatrice last van de ‘Epileptic spirit’. Dat had ze elke week. Nou mensen, ik moet heel eerlijk zeggen dat dit hele gebeuren me bijna een beetje teveel werd. Kleine kindjes die compleet doordraaien, vrouwen die al gillend en huilend op de grond vallen, mijn tere zieltje kon het bijna niet aan. Maar ik bedacht me dat ik me niet aan moest stellen, deze mensen zijn niet zielig, het is juist heel fijn voor ze dat de kwade geesten in hen verdreven kunnen worden. En dat hielp een beetje.

 

 

Aan het einde van de ‘shouting for fire’ lagen en zaten er zo’n dertig mensen in het midden van de kerk. Het was intussen al na enen en het kon me niks meer schelen. Ik was helemaal gefascineerd door alles wat zich voor mijn neus afspeelde. De dertig mensen op de grond kregen, net als alle aanwezigen (ook ik dus, terwijl de profeet aan me vroeg: ‘Do you know this culture?’), om de beurt nog even de helende hand van de profeet op hun voorhoofd en het merendeel van hen kon hierna weer rustig terug naar zijn plek. Sommigen bleven nog een soort van bewusteloos, gillend, huilend of druk pratend op de grond liggen. Zij mochten daar blijven liggen tot de avonddienst. Na de ochtend-/middagdienst zou er gegeten worden, waarvoor ik heb bedankt en daardoor weer velen heb teleurgesteld, maar ik had mijn rust inmiddels hard nodig en om half 3 kon ik dus eindelijk naar huis om bij te komen van een heftige dag.

 

Volgens Beatrice heb ik miracles gezien. Dit zijn dus de wonderen waar iedereen het altijd over heeft als het gaat om healing services. Een beetje teleurgesteld ben ik dan wel. Ik vond het heel indrukwekkend, maar ik heb geen bewijs van een daadwerkelijke healing gezien. De Kameroeners hebben me dus, na ruim drie maanden hier te hebben gewoond, nog niet kunnen overtuigen van hun gelijk wat betreft het geloof.

 

Nou mensen, ik hoop dat ik jullie een beetje een goed beeld heb kunnen geven van een zeer indrukwekkende en onverwachte ervaring. Ik heb de profeet moeten beloven dat ik de volgende keer een camera meeneem om het gebeuren vervolgens aan jullie te laten zien als ik terugkom. Dan weten jullie eindelijk hoe het moet. Aanstaande vrijdag ben ik uitgenodigd op zijn traditionele bruiloft. Als afsluiting nog wat ‘Wist-je-datjes’, gewoon omdat ik er zo’n leuke reacties op kreeg en omdat me nog een paar leuke te binnen schoten:

 

Wist je dat...

 

-          - Alle whiteman countries aan zee liggen? Aldus het ziekenhuispersoneel tijdens het nieuwsrondje na de morningdevotion. Voorbeelden zijn Europa, Amerika, China, Japan en Marokko. Laat Geert Wilders het maar niet horen!

-          - Kameroeners gek zijn op Céline Dion?

-          - De wet van Kameroen zegt dat vrouwen die vreemdgaan strafbaar zijn, terwijl een overspelige man alleen gestraft wordt als zijn vreemdgaan iets systematisch was of wanneer het plaatsvond in het huis waar ook zijn vrouw woont?

-          - Ik laatst doodsangsten heb uitgestaan omdat onderdeel van de bagage op het dak van mijn busje een geit was?

-          - Je tig keer per dag iemand tegenkomt die een t-shirt uit Nederland draagt? Voorbeelden hiervan zijn C1000 personeelsshirts en t-shirts met boodschappen van het CWI. En dat deze dan ook vol trots worden gedragen?

-          - Het hier heerlijk is om alle Gooische vrouwen afleveringen en Alles is liefde op het laptop te hebben staan? Dan voelt Nederland meteen weer een stuk dichterbij!

-          - Ik laatst een pastoor heb overtuigd van het feit dat hij echt niet met een blank meisje wilt trouwen? Nadat ik hem geïnterviewd had wilde hij graag weten of blanke meisjes ook met Afrikanen kunnen trouwen? Toen ik vervolgens in een heel lang, maar superleuk gesprek, uitlegde hoe ik over verschillende dingen (waaronder de man-vrouw verhouding binnen een huwelijk) dacht, kwam hij tot de conclusie dat hij toch liever een Afrikaanse vrouw heeft.

-          - Het heel stom is om te denken dat je geen mooie kleren mee hoeft te nemen naar de tropen? Op zondag in de kerk loop je dan echt voor gek tussen alle prachtig geklede mensen.

-          - Gayale, mijn vriendinnetje uit het dorp, een beetje van mijn Nederlandse humor heeft overgenomen? Dat scheelt erg in de heimwee kan ik wel zeggen!

-          - Ik volgende week met Marloes (een medestagiaire hier), een meisje uit Muyuka en haar broer een weekje het Islamitische, droge Noorden van het land ga verkennen?

-          - Ik waarschijnlijk eindelijk een goede bestemming voor mijn sponsorgeld heb gevonden? Hier moet nog met verschillende mensen voor overlegd worden, maar als het zeker is beloof ik jullie een uitgebreide beschrijving van het plan.

 

Liefs,

 

Mayke

7 reacties | Reageer

Wist je dat...

Wist je dat…

-         Kameroen een land is met heel veel prachtige, afwisselende landschappen?

-         Kameroen een land is met heel veel, heel vriendelijke mensen?

-         Kameroen een land is waarin de blanken op de meeste plekken nog relatief onbekend zijn, waardoor je overal met open armen wordt ontvangen?

-         Kameroen een land is waarin het geven van giften een heel belangrijk onderdeel is van het leven?

-         Kameroen een land is waarin mensen niet al te rijk zijn, maar waar er, omdat bijna iedereen zelf zijn eten verbouwt, altijd wel genoeg te eten is voor iedereen?

-         Kameroen een land is waar veel misverstanden bestaan over HIV/AIDS, zelfs onder de mensen die geacht worden anderen hierover te leren?

-         Muggen bijvoorbeeld geen HIV over kunnen brengen, omdat ze zelf dood gaan aan het virus als ze dit binnen krijgen? (Aldus een voorlichtster op Wereld Aids Dag)

-         Kameroen een land is waarin het Christendom (en waarschijnlijk ook de Islam in het noorden, maar daar weet ik niet zoveel van) hand in hand gaat met heel veel traditionele geloven?

-         Een voorbeeld hiervan is dat men gelooft dat mensen in verschillende dieren (zoals olifanten, krokodillen, etc.) kunnen transformeren?

-         Verkrachting hier verboden is, tenzij het binnen een huwelijk gebeurt?

-         Het volgens een pastoor die ik interviewde onzin is om te scheiden als je partner vreemdgaat, je kunt er toch gewoon voor zorgen dat hij/zij dat niet meer doet?

-         Je hier, wanneer je trouwt, moet kiezen voor een monogaam of polygaam huwelijk?

-         Kameroeners heel graag studeren, maar dat studeren eigenlijk geen zin heeft, omdat je bijna nooit een baan op je niveau krijgt?

-         Je wanneer je een goede baan wilt krijgen, je beter aan je netwerk kunt werken; met een groot netwerk bereik je honderd keer meer dan met een goede studie?

-         Kameroen heel heet is?

-         Kameroen een land is met heel veel malariamuggen?

-         Kameroense mensen zo blij zijn met een whiteman als vriend, dat ze je ontzettend kunnen claimen?

-         Je hierdoor heel veel mensen teleur moet stellen, omdat ze allemaal willen dat je een keer langskomt, maar je daar gewoonweg de tijd (en soms ook zin) niet voor hebt?

-         De Mount Cameroon beklimmen prachtig is, maar dat mijn lichaam zo verminkt is dat ik nooit van mijn leven meer een berg beklim?

-         Ik tijdens deze helse tocht van de ene extreme emotie in de andere ben gesprongen?

-         Maar wel de top heb bereikt op 4090 meter hoogte?

-         Eén van mijn huisgenootjes laatst wakker werd met een schorpioen in bed?

-         Je ook gewoon een visum kunt krijgen door je blonde haar te laten wapperen en een Nederlandse brief van de universiteit te vertalen naar het Engels?

-         Het hier heel vervelend is om pastoors te moeten interviewen, omdat je je eigen ‘geloof’ er nogal snel mee verraadt?

-         De mensen in de busjes graag over de whiteman praten, omdat ze denken dat je ze niet verstaat en dat het heel amusant, maar soms ook irritant is om te horen wat ze over je te zeggen hebben?

-         Iedereen om condooms staat te springen als ze worden uitgedeeld op Wereld Aids Dag, maar dat niemand ze gebruikt?

-         Je stoere gangsters daarom bijvoorbeeld kunt verleiden om zich te laten testen op Wereld Aids Dag door ze een gratis condoom te geven?

-         Alle kinderen van Banga Bakundu, ik weet niet hoe, mijn naam inmiddels kennen, waardoor ik continu mijn naam hoor als ik door het dorp loop?

-         Mijn naam wel door iedereen anders uit wordt gesproken?

-         Ik gewoon niet weet hoe ik ooit afscheid kan nemen van buurjongentje Sam, die nu elke keer heel boos en verdrietig is als iemand afscheid neemt?

-         Banga Bakundu een plek is geworden waar ik me thuis voel?

-         Maar dat het ook een plek is waar ik nooit helemaal mezelf zal kunnen zijn.

-         En dat ik daarom erg uitkijk naar ons vertrouwde, koude kikkerlandje.

Tot snel alweer!

Liefs,

Mayke

8 reacties | Reageer

Een op en top Afrikaanse ervaring

Beste allemaal,

 

Ik weet het, dit bericht volgt nogal kort op het vorige, maar soms moet je even je hart luchten. Ik beloof jullie dat ik jullie de komende twee weken niet lastig zal vallen met nieuwe ervaringen, dit vanwege een nogal drukke planning.

 

Omdat mijn verblijf hier langer dan drie maanden zal zijn, moet ik mijn visum verlengen. Deze verloopt bijna, dus ben ik afgelopen donderdag naar Buea, de hoofdstad van de provincie, afgereisd om deze bij het kantoor van de immigratiedienst te verlengen. Toen ik daar aankwam, bleek dit helaas hier niet mogelijk. Mijn tegensputteren hielp niet, de wet (die mij voorgelezen werd) zegt duidelijk dat dit alleen in Yaoundé, de hoofdstad van Kameroen, kan. Ook de grote baas die toevallig langskwam toen ik op de gang mijn beklag aan het doen was tegen een medewerker en dit blanke, blonde, wanhopige meisje graag wilde helpen, moest helaas concluderen dat er in de wet toch echt staat dat ik naar Yaoundé moest. Gelukkig boden verschillende medewerkers me hun hulp aan door collega’s van ze te bellen in Yaoundé. Met de telefoonnummers van verschillende medewerkers van de immigratiedienst in Yaoundé op zak heb ik toen een bus gepakt en al mijn plannen voor die dagen overboord gegooid (ik had namelijk eigenlijk bedacht dat ik ’s avonds in Buea bij een meisje dat er woont en ook antropologie studeert kon gaan slapen en de volgende dag een college antropologie samen met haar bij kon wonen). De reis zou vijf uur duren, ik zou dus net voor het donker aankomen. Maar Afrika zou Afrika niet zijn als niet ook deze plannen in duigen vielen. Rond 19.00u, toen we Yaoundé net naderden, begon de motor van de bus te roken. Bus langs de kant, iedereen in paniek de bus uit en naast de bus maar wachten tot het probleem zich oplost. Mijn slechte humeur moest ik maar snel laten varen, want veel keus had ik toch niet en wat vaak gezegd wordt en echt waar is: het wachten in Afrika heeft een sociale functie. Dit heeft het in Nederland geloof ik ook wel, alleen de keren dat je daar in je leven uren op iets moet wachten zijn op één, misschien twee handen te tellen, terwijl ik dat aantal al drie keer heb bereikt in de bijna drie maanden dat ik hier nu zit. Terwijl de chauffeur aan het proberen was het probleem te verhelpen door het gooien van emmertjes water over de motor, liep ik nog even, heldhaftig als ik ben, de bus in om mijn pakje biscuitjes te pakken. Toen ik daar stond, hoorde ik de menigte om de bus heen in het Frans praten (Yaoundé ligt in het Franstalige gedeelte van Kameroen), ik kon net de woorden ‘La Blanche’ (whiteman in het Frans) en ‘boem boem’ onderscheiden, waarna een hoop gelach volgde. Blijkbaar vond men het nogal een komisch idee dat de bus met daarin La Blanche weleens zou kunnen ontploffen. Nou ja, het zal het Afrikaanse gevoel voor humor wel zijn. Maar het is wel discriminatie.Dat terzijde. Na een uurtje konden we verder en, hoewel we ondertussen weer strandden (gelukkig nu maar voor 20 minuutjes), kwam ik om half 9 aan op het busstation in Yaoundé. Gelukkig begeleidde een jongen die ik in de bus had leren kennen me naar het hotel (hij vroeg zich wel af waarom ‘La Blanche’ niet in het Hilton Hotel sliep, tja…), zo’n grote stad in het donker is toch niet echt veilig voor een eenzaam, blank meisje.

 

Het hotel had ik gekozen uit de Bradt, de enige reisgids over Kameroen. Het stond er erg positief beschreven en er was een restaurant, wat het voordeel had dat ik er ’s avonds laat niet nog op uit moest om te eten. Maar goed, Afrika zou Afrika niet zijn als deze verwachtingen geheel werden waargemaakt. En zo kwam ik dus aan in een hotel dat misschien ooit mooi en gezellig was geweest, maar het nu absoluut niet meer was, waarvan de eigenaar dronken en heel vervelend was, de kamer veel te duur was (de eigenaar had ook wel door dat ik om 21.30u niet meer weg ging lopen op zoek naar een goedkopere kamer), het eten niet te eten was en een plotselinge inflatie had ondergaan, de wc niet doorspoelde, de eigenaar de volgende ochtend een kopje koffie van me eiste om me te mogen vergezellen bij het ontbijt maar ik vervolgens gered werd door het feit dat het gas op was en er dus geen ontbijt geserveerd kon worden en ik het hotel verliet met het telefoonnummer van dezelfde eigenaar op zak die me graag beter wilde leren kennen. Kortom, het was één groot succes. Maar ieder nadeel heb z’n voordeel, en zo belandde ik die ochtend dus wel bij de allerlekkerste bakker waar ik ooit ben geweest en heb ik mijn allerlekkerste ontbijtje van mijn verblijf hier kunnen eten om vervolgens met een volle maag mijn volgende avontuur tegemoet te gaan: het verlengen van mijn visum.

 

De held van de dag was Gavier, een jongen die op het hoofdkantoor van het ministerie werkt en wiens telefoonnummer ik dus de vorige dag van een vriend van hem mee had gekregen. Zonder hem was ik pas echt een hulpeloze ‘blanche’ geweest. Het eerste voordeel van zijn hulp was dat ik niet in de rij hoefde te zitten. Schaamteloos (vooruit, het voelde wel heel klein beetje gênant, maar het is stiekem toch ook wel heel lekker om je geen zorgen te maken over of je dezelfde dag nog naar huis kan) liep ik voorbij alle vermoeide gezichten van mensen die waarschijnlijk al uren in de rij zaten en mocht ik meteen alle kantoortjes inlopen. Eigenlijk hoefde ik hier geen woord te zeggen, want Gavier voerde, in het Frans, de gesprekken met alle hoge piefen die het allemaal wel op zijn minst met één ding niet eens waren, maar door Gaviers overtuigingskracht uiteindelijk toch allemaal akkoord gingen. Ondertussen liep er een nogal schaars gekleed meisje voorbij met een politieagent achter haar aan (die haar vervolgens nog even op haar kont tikte). Zij mocht ook voor. Zij en ik moesten dus wat met elkaar gemeen hebben, een vrij confronterende constatering. Maar ach, ik mocht niet klagen, want mijn dag tot dan toe verliep on-Afrikaans soepel. Maar Afrika zou Afrika niet zijn als deze soepelheid niet voor niets bleek te zijn geweest. De verantwoordelijke persoon voor de laatste handeling van de procedure voor het verlengen van een visum was niet aanwezig. Volgende week mag ik terugkomen. Daar gaan weer vier dagen van mijn kostbare tijd, en we moeten maar tot de heer bidden dat het er niet meer worden. Zou dit dan mijn straf zijn voor mijn steeds frequentere afwezigheid bij de morningdevotion?

 

Ik ben dus maar weer op weg gegaan naar het busstation voor de bus terug naar Buea. Ondertussen even langs een supermarkt gegaan (een bezoekje daaraan kun je niet aan je voorbij laten gaan als je in Yaoundé bent, dat is echt hemels als je maandenlang alleen maar de markt bezoekt) en heerlijke broodjes voor onderweg gekocht. Toen ik de supermarkt uitliep, kwam een jongentje van een jaar of 8 me tegemoet rennen: “LA BLANCHE” en hij omhelsde me stevig. Naïef als ik soms een beetje ben, dacht ik vooral: wat een poepie. Tot ik een paar handjes in mijn achterzak voelde grabbelen. Ik kon mezelf wel voor mijn hoofd slaan. Typisch iets voor mij om hier in te trappen.Gelukkig zat er niks in mijn achterzakken en heb ik het kind van me af weten te duwen en in mijn allerbeste Frans: ‘Allez, allez!’ naar hem geroepen. Ik voelde me hier achteraf echt rot over. Zo’n klein manneke, die me al zo weet te manipuleren dat ik daarna niet anders kan dan hem grof weg te duwen. Tja, het is de harde werkelijkheid.

 

Maar goed, eind goed, al goed, ik heb het laatste (en het meest oncomfortabele) plekje in de bus naar Buea kunnen bemachtigen en ben ’s avonds weer in Banga gearriveerd. Volgende week staat me weer zo’n avontuur te wachten, hopelijk dan iets minder Afrikaans.

 

Tot de volgende keer! Eerst ga ik volgende week nog een keer Yaounde,Wereld Aids Dag en de Mount Cameroon (die we in vier dagen gaan beklimmen, ik slaap er op zijn zachtst gezegd nog niet gerust op...) trotseren.

 

Liefs,

 

Mayke

 

Ps. Nog even een quote, ik kan jullie deze ongemakkelijke ervaring echt niet onthouden. Ik stond op het punt een naaister in Banga te interviewen, we staan langs de weg, komt er een kindje van een jaar of 8 langs die me zonder er doekjes om te winden confronteert met mijn weergaloze reputatie: “It’s Mayke! She comes and asks us about our boyfriends!”.

 

4 reacties | Reageer

Nicole

Beste allemaal,

In deze weblog wil ik een beeld schetsen van de meisjes die ik geïnterviewd heb, met als hoofdvraag waarom zij zichzelf blootstellen aan de gevaren van HIV infectie door risicovol seksueel gedrag. Dit doe ik aan de hand van Nicole. Nicole is een fictief persoon, gebaseerd op de verhalen van de verschillende meiden die ik heb geïnterviewd, maar grotendeels gebaseerd op dat van één naaister uit het dorp.

Nicole is 25 jaar. Momenteel werkt ze in een naaisterszaakje in Banga Bakundu. Hiervoor krijgt ze niet betaald, ze is slechts in de leer. Alles wat er in het zaakje wordt verdiend, er werken ongeveer acht meiden, gaat naar de eigenares van de zaak. Komend jaar hoopt Nicole een eigen zaak te kunnen openen, zodat ze zelf geld kan verdienen. Haar inkomen is nu geheel afhankelijk van haar man, die een auto heeft en taxichauffeur is en van haar kleine stukje land waar ze producten als cassave en cacao op verbouwt. Alles wat verdiend wordt, gaat zoals bij ieder getrouwd stel naar haar man die vervolgens beslist wat er met het geld gebeurt. Omdat haar man haar bruidsprijs in de vorm van een uitgebreide maaltijd met veel drankjes heeft betaald, is hij sindsdien de baas in huis. Nicole heeft geen kinderen, ze wil deze wel graag, maar op de één of andere manier lukt dit niet. Als ik zeg dat ze dan misschien een keer naar de dokter moet gaan om te kijken of er misschien iets aan de hand is, zegt ze dat ze dat ook wel wil doen wanneer ze geld heeft.

Toen Nicole een jaar of twee was, stierf haar vader. Waaraan is niet precies duidelijk, hij werd opeens heel erg ziek. Op haar veertiende stopte ze met school, omdat ook haar moeder ziek werd. Ook nu was niet precies duidelijk wat de oorzaak was, maar Nicole zelf wijt het aan hekserij; waarschijnlijk was er iemand in het dorp jaloers op haar moeder. Door de ziekte van Nicoles moeder was er minder geld en kon alleen haar broer verder met school. Nicole ging nu voor haar moeder zorgen. Omdat haar moeder niet meer kon werken, moest Nicole andere manieren zoeken om aan geld te komen om bijvoorbeeld mooie kleren en make up te kopen. De manier die ze vond was het hebben van verschillende vriendjes. Deze had ze niet tegelijk, ze vindt het wel belangrijk om trouw te zijn aan één partner, maar vanaf haar 15e tot haar 21e heeft ze er wel een aantal gehad. Naar eigen zeggen hield ze van deze jongens, omdat zij haar geld of andere dingen gaven als ze erom vroeg. ‘In ruil hiervoor’ (dat zijn mijn woorden, niet die van de meiden) kookte ze voor hen, waste ze soms hun kleren en had ze uiteraard seks met ze. Haar eerste keer vond dus plaats op haar 15e en was pijnlijk, maar ‘What choice did I have?’.

Op haar 21e vroeg haar huidige man haar ten huwelijk. Ze kende hem niet echt goed, dus hier moest ze even over nadenken en wellicht heeft ze, net als veel meiden hier, getest of de man wel ‘caring’ is door hem te vragen of hij verschillende dingen voor haar wil kopen. Dit deed hij en hierna heeft ze zijn huwelijksaanzoek dan ook geaccepteerd. Zoals gezegd heeft hij toen de bruidsprijs betaald en is hij sindsdien de baas in huis. Van ’s ochtends 08.00u tot ’s avonds 19.00u is hij op pad met de auto. Is hij dan de hele tijd aan het werk? Dat weet ze niet, dat is aan hem. Zij zorgt ’s ochtends in ieder geval dat zijn ontbijt klaarstaat en ’s avonds dat zijn avondeten klaarstaat. Overdag is ze in het huis aan het werk of is ze in de naaisalon en zaterdag werken ze samen op het land. In de tijd dat ze getrouwd zijn, nu vier jaar, heeft ze haar man met verschillende andere vrouwen gezien. Soms zegt ze hier wat van, soms niet. Als ze er wat van zegt, komt er slaande ruzie van. Dan schreeuwt hij en slaat hij haar. Zo ook als er ruzies ontstaan omdat er nog steeds geen kinderen zijn. Maar de laatste tijd is hij veranderd. Ze heeft hem niet meer met andere vrouwen gezien en hij beseft nu ook dat het feit dat er nog geen kinderen zijn misschien ook wel aan hem kan liggen. Want zoals Nicole ook zegt, waarom is er dan nog geen andere vrouw zwanger van hem geworden?

Omdat ze dus nog steeds graag kinderen willen, gebruiken ze geen condooms. Dit is gevaarlijk, dat weet ze zelf ook, want ‘there are diseases outside’, maar ze wil graag kinderen en ze kan ook niet aan haar man vragen om condooms te gebruiken, dat zal hij niet accepteren. Zoals een andere vrouw laatst zei, als je bent getrouwd gaat men er vanuit dat je trouw bent aan je partner en is het gebruiken van een condoom dus niet meer nodig. Voordat je gaat trouwen verplichten veel kerken een HIV test. Als één van de twee HIV positief blijkt te zijn, gaat de bruiloft meestal niet door; niemand wil getrouwd zijn met een HIV patiënt. Maar je kunt er ook gewoon voor zorgen dat je test altijd negatief is, dat ligt eraan hoeveel geld je hiervoor over hebt.

Nicole heeft de test laatst gedaan, na de seminar. Gelukkig was deze negatief. Hier was ze erg opgelucht over, want ze wist dat ze risico liep met haar overspelige man. Toch had ze er ook wel vertrouwen in dat de test goed uit zou pakken, God is er altijd voor haar. Zelfs als ze HIV zou hebben, zou hij er misschien voor kunnen zorgen dat ze hiervan geneest. Maar toch, als ik haar vraag wat ze gedaan zou hebben als de test positief was geweest, zegt ze dat ze waarschijnlijk uit het raam van Henry’s (die de uitslagen van de testen bespreekt) kantoortje was gesprongen. Ze weet niet hoe haar man zou reageren als ze zou vertellen dat ze HIV zou hebben, maar andersom zou ze wel bij haar man blijven. Ze zou waarschijnlijk geen seks meer met hem willen hebben. Maar verder zou ze hem steunen en zou ze gewoon uit dezelfde pan kunnen eten en in hetzelfde bed kunnen slapen, dit heeft ze op de seminar geleerd.

Na het interview bedankt ze me. Ik heb haar aan het denken gezet en ze vond het fijn om haar verhaal te kunnen vertellen.

Tot de volgende keer.

Liefs,

Mayke

4 reacties | Reageer

Egoïstisch?

Zaterdag was ik op een begrafenis van de opa van een meisje uit het dorp. Omdat ik niet zo goed wist wat er van mij verwacht werd, heb ik eerst wat adviezen ingewonnen bij mijn ‘hulp'. Ik moest een lange broek aan en zoals al verwacht werd er wel van me verwacht dat ik een gift mee zou brengen. Familie geeft normaal een geldbedrag, vrienden mogen in plaats van een geldbedrag ook wat frisdrank of iets dergelijks meebrengen. Ik koos voor het laatste, ik vind het zelf nogal vreemd om met geld aan te komen. Eenmaal op de begrafenis overhandigde ik mijn gift, ik vond zelf dat ik best royale inkopen had gedaan. Daarom vond ik eigenlijk ook dat er best een bedankje afkon. Maar die kreeg ik niet, dat je een gift meebrengt is niet meer dan normaal. Wel werd ik bedankt voor mijn aanwezigheid, de familie voelde zich zeer vereerd dat er een whiteman was gekomen. Later kreeg ik ook een stuk stof om mijn middel gebonden, wat blijkbaar traditie is. Een beetje ongemakkelijk voelde dat wel, want waar de bewoners van het dorp inmiddels redelijk gewend waren aan mijn aanwezigheid en ik niet overdreven meer werd aangestaard, leverde dit stuk stof om de middel van een whitemanwederom nogal wat bekijks op.

Maar dit terzijde. Op de begrafenis had ik een gesprek met een meisje. Ze vond het jammer dat ze me na mijn vertrek misschien wel nooit meer zou zien en bedacht dat ze misschien wel in Nederland kon gaan studeren of werken. Ik legde haar uit dat dit heel moeilijk gaat, omdat buitenlanders, en met name inwoners van ontwikkelingslanden, niet zomaar het land in worden gelaten. Ze vroeg waarom, waarop ik antwoordde dat men bang is dat deze buitenlanders geld gaan kosten, terwijl dit eigenlijk voor Nederlanders bedoeld is. Dit vond ze nogal egoïstisch. Ik zei dat ik het daar tot op zekere hoogte mee eens ben, maar dat een land als Nederland logischerwijs niet zomaar de grenzen open kan zetten voor iedereen, omdat er dan in the end misschien wel helemaal geen rijkdom meer bestaat. Meteen toen ik dit zei, schaamde ik me. Deze uitspraak vond ze al helemaal egoïstisch en daar had ze gelijk in, zeker vanuit een Afrikaans perspectief. Hier wordt alles gedeeld. Als je veel geld hebt, wordt er vanuit gegaan dat je deze rijkdom met anderen deelt. Maar ook als je niet veel geld hebt, is het doen van giften heel normaal. Zo heeft mijn hulp op een andere begrafenis laatst 10.000 franc (ongeveer 15 euro) cadeau gedaan. Haar maandinkomen is 30.000 franc (ongeveer 45 euro), tenminste, als het ziekenhuis haar ook daadwerkelijk betaalt. Gezien het feit dat whitemen over het algemeen wat meer geld hebben, is het dus niet gek dat mijn gift in de vorm van een redelijke hoeveelheid frisdrank niet meer dan normaal werd gevonden. En is het ook logisch dat we alle kinderen die toevallig bij ons in huis rondlopen wat te eten en drinken aanbieden. Daarbij is het ook veelvoorkomend dat andere mensen mij op een drankje of wat te eten trakteren. Waardering voor iemand wordt vaak uitgedrukt refererend aan wat voor giften de persoon heeft gedaan (Zo definiëren de meiden die ik interview ‘love' als ‘taking care'. Na doorvragen kom je erachter dat ‘taking care' vooral in financiële/materialistische termen begrepen moet worden. De meiden houden van hun husband/boyfriend omdat die hen in allerlei dingen voorziet). Om een lang verhaal kort te maken, de mensen zijn hier gul, heel gul. En die vrijgevigheid wordt ook van ons verwacht. Dat zijn wij niet zo gewend en dat is daarom niet altijd even makkelijk. En juist dat irriteert me dan weer, dat ik het als rijke Westerling vervelend kan vinden dat er van mij verwacht wordt dat ik mensen wat geef (begrijp me niet verkeerd, ik wil best wat geven, ik vind gewoon de vanzelfsprekendheid waarmee dit gepaard gaat vervelend). Als iemand het makkelijk kan missen hier, dan is het de rijke whiteman wel. Vanuit een Afrikaans perspectief tenminste. Niet vanuit een Europees perspectief; ik heb nog een hoop plannen die ook geld kosten. Maar dat zijn Europese, ‘egoïstische' plannen.Je kunt hier niet aankomen met een reden als ‘ik wil nog meer reizen en daardoor kan ik niet al mijn geld hier uitgeven.' Ik heb aan bepaalde mensen wel geprobeerd uit te leggen dat het bij ons anders gaat, maar dat wordt niet echt begrepen. Moeilijk dus, want elke dag door de Afrikaanse vrijgevigheid geconfronteerd te worden met je eigen gierigheid is niet niks.

De avond echter, veranderde mijn mening na een gesprek met mijn hulp. Ze had het met haar kinderen over een vrouw die bij een geldinzameling voor ouderen in de kerk niks had gegeven. Er werd schande van gesproken. Vooral omdat de vrouw wel nogal graag geld schijnt te ontvangen, zelf een redelijk salaris heeft en ook een man (namelijk de pastoor) met een redelijk salaris heeft. Het staat zelfs in de bijbel dat het goed is om te geven: ‘giveandyoushallbegiven' is volgens mijn hulp letterlijk wat er staat. Dit stelde mij oprecht teleur. Zou dit dan de reden zijn waarom mensen hier zo vrijgevig zijn? Omdat ze denken dat ze hier in wat voor vorm dan ook iets voor terug zouden krijgen? Ik probeerde dit aan mijn hulp uit te leggen. Dat ik het jammer vind dat er blijkbaar wordt gegeven uit eigenbelang, en niet puur uit solidariteit. Ze moest lachen. Dit is wat God heeft gezegd en "you cannot blame God". Ik antwoordde dat ik dat ook niet doe, ik bespreek het citaat alleen. Maar ik besefte dat ik op een punt in de discussie was beland waar ik me niet wilde bevinden. Meer is er niet over gezegd.

De volgende ochtend ging ik naar de kerk. Het leek een normale mis te worden, totdat er een gastpastoor met zijn preek begon. Hij had het over ziektes en dat deze veroorzaakt worden door de duivel. Dat was even slikken. Als je in het ziekenhuis verteld wordt dat je malaria hebt vanwege een mug die de ziekte overbrengt, is dat een leugen. ‘Evil spirits' hebben je de ziekte, mogelijk wel via een mug, gegeven. Malaria voorkom je dus niet door je te beschermen tegen muggenbeten, maar door te bidden. Nog maar even slikken. Vervolgens veranderde de gewone zondagsmis in een ‘healing service'. Iedereen bad voor zijn/haar lichamelijke kwaal. (Helaas kan ik deze sfeer niet helemaal goed overbrengen via een weblog, ik vertel het verhaal graag in geuren en kleuren als ik terug ben, stel je er voor nu een hoop geschreeuw en gehuil bij voor). De pastoor gaf aan het einde aan dat er zes mensen na deze mis genezen zouden zijn. En toen: of de mensen misschien wat voor hem over hadden, hij moest tenslotte ook eten. Hij was al blij met 5.000 franc (meer dan 7,50 euro en dus een kapitaal voor de mensen hier). Het leek er even op dat er niemand wat zou geven, maar één voor één kwamen de mensen toch naar voren om biljetten in de geldbak te gooien. De pastoor deed er nog een schepje bovenop: "Don't give because you have, give because you lack.". Door mijn gesprek met mijn hulp de avond ervoor begreep ik wat hij bedoelde. Bah, bah, ik heb de kerk nog nooit met zo'n naar gevoel verlaten. En nu vinden de mensen hier me vast ook egoïstisch, omdat ik uiteraard niks heb gegeven. Of ze vinden me dom, omdat ik dan dus ook niks terug zal krijgen. Het woord ‘egoïstisch' wordt gebruikt voor mensen die niks geven, maar ik vraag me nu af of vrijgevigheid niet ook gewoon te scharen is onder de noemer ‘egoïsme'. Is het minder egoïstisch als de Nederlandse regering gewoon haar grenzen open zet voor iedereen en dan verwacht dat God haar hiervoor beloont, dan wanneer ze de rijkdom enkel en alleen voor haar eigen burgers houdt? Bestaat pure solidariteit wel? Ik weet het niet, maar wat ik wel weet is dat ik aan dit weekend geen goed vertrouwen in de mensheid over heb gehouden.

Volgende keer meer levenslessen. Misschien iets minder zwaar.

Liefs,

Mayke

7 reacties | Reageer

Long time

Beste allemaal,

 

Het is weer een tijdje geleden dat jullie iets van me hebben gehoord, er is dus ook teveel gebeurd om in één weblog te vertellen. Ik zal proberen er een beetje een overzichtelijk verhaal van te maken, maar ik ben bang dat het er één van het ‘hak-op-de-tak’ kaliber wordt.

 

Allereerst, maandag ben ik terug in Banga gekomen van een heerlijke reis door het land. Hoewel ik het eigenlijk al wist, ben ik er nu zeker van dat dit land echt één van de mooiste is waar ik ooit ben geweest. Zowel de natuur als de cultuur is geweldig. Niet in de minste plaats komt dit waarschijnlijk door de afwezigheid van (massa-)toerisme. Overal wordt je met open armen ontvangen en dit vaak ook nog zonder de verwachting dat je iedereen van geld voorziet. Een paar dagen geleden hoorde ik voor het eerst een kind in Banga naar me schreeuwen: ‘Whiteman, give me money!’.  Dit soort dingen heb ik nog bijna niet gehoord en dit geval heb ik dan ook geheel genegeerd. Het toerisme is niet voor niks afwezig. Dit land is dan misschien één van de mooiste, maar ook één van de meest corrupte waar ik ooit geweest ben. Om de haverklap wordt je aangehouden door ofwel politiemannen of leden van de gendarmerie met grote dollartekens in hun ogen. Hunkerend wordt er dan naar de autopapieren, rijbewijs, je visum en soms ook je vaccinatieboekje gekeken en de teleurstelling is dan ook groot als ze geen foutje kunnen ontdekken. Dat had ze namelijk zo een paar duizend franc op kunnen leveren. Soms wordt er dan gezocht naar een andere fout, zoals een teveel aan bagage op de auto/bus. Ook hiervoor wordt regelmatig een klein bedrag gedoneerd, waarna je zonder problemen door kunt rijden. Totdat je een paar honderd meter verder de volgende controlepost weer tegenkomt. Mijn meest corrupte ervaring vond plaats net buiten het Dja reserve, een nationaal park. Door een samenwerking van politie en de burgemeester, konden we zo’n drie tot vier uur later pas het park betreden. Eerst moesten er verschillende bedragen overhandigd worden “voor de community”. Voordat deze bedragen overhandigd konden worden, moest er eerst uren worden gepraat over de wet die dit inderdaad (?) verplicht stelt en liep de politieman ondertussen weg om ons vervolgens een uur te laten wachten, ik denk gewoon om te laten zien wie er de baas is. Verschrikkelijk, en ook verschrikkelijk voor het toerisme wat hierdoor niet op gang kan komen. Dollartekentjes hebben we ook ontdekt toen we laatst bij het bestuur van een school op bezoek gingen om te overleggen over hun medewerking aan ons event op wereld aids dag. Blijkbaar moeten er voor de drama-, dans-, zang- en voetbalwedstrijd geldprijzen worden uitgereikt. Dat gaat tegen al mijn principes in, maar vooruit, we moeten deze cultuur respecteren (al vind ik dat soms wel heel erg moeilijk en is het nog moeilijker om grenzen te trekken) en de geldprijzen komen er dus. Ze zijn wel minder hoog dan het oorspronkelijke plan, dit door het onderhandelen van mijn collega’s. Het bestuur van de school, echter, vond deze prijzen wel heel erg laag en wist niet zeker of ze hier wel mee aan wilde werken: ‘Whatwillour school benefit?’ (Eehm, misschien dat het HIV/AIDS probleem hiermee wordt aangepakt…) Om ons onder druk te zetten hebben ze de deelnemende leerlingen wijsgemaakt dat de geldprijs veel hoger ligt. Geloof me, ik stond bijna op het punt om het klaslokaal uit te lopen. Wat dat betreft ben ik niet echt een goede antropoloog. Toppunt was dat één van de bestuursleden na de onderhandeling me ook nog ten huwelijk durfde te vragen. Helaas ben ik natuurlijk al getrouwd en bleken ook mijn collega’s getrouwd te zijn. Helaas is ook hier bekend dat white girls vaak doen alsof ze getrouwd zijn, dus wordt aan deze leugen nogal eens getwijfeld.

 

Dan, mijn onderzoek. Ik had erg veel moeite met het afspreken met mensen voor een interview. Dit in verband met de dramatische African time en met het feit dat ik geen goede ruimte heb om ongestoord een interview te kunnen houden. Deze week heb ik echter de toverformule gevonden. Ik loop naar het dorp, stap een winkeltje met kapsters of naaisters die mij allemaal wel kennen vanwege de seminar binnen en leg uit dat ik graag een interview met iemand wil doen. Ik vraag wie er tijd heeft, vraag of het meisje een goede plek kent en koop een drankje voor haar om haar te bedanken en om mijn goodwill te tonen. Het geven van een drankje wordt hier altijd meer dan gewaardeerd, dus het is een hele goede manier om een vertrouwensband te creëren. En dat blijkt. Mijn toverformule in combinatie met het drankje zorgt ervoor dat de meiden al hun geheimen (en soms gaat dat zelfs zover dat het details zijn die ik niet per se hoef te horen) op tafel leggen. Bizar. Ik voel me stiekem ook wel gevleid door dit vertrouwen, al heb ik geen idee wat ik daar nu precies voor heb gedaan. Maar wat maakt het uit, het komt mijn onderzoek meer dan ten goede. Ik heb nu zes meiden geïnterviewd en verwacht uiteindelijk op een totaal van 20 tot 30 interviews uit te komen.


Dan nu, mijn lieve buurjongetje. Ik stond op het punt voorzichtig de vraag op mijn weblog te stellen wie dit geweldige kind zou willen adopteren. Zoals ik eerder vertelde, heeft zijn moeder hem een paar maanden geleden achtergelaten bij de pastoor (en tevens administrator van het ziekenhuis) en zijn vrouw. Tijdens mijn afwezigheid is moeder teruggekomen. In het ziekenhuis. Want ze is ziek, heel erg ziek. De kanker die ze in haar geamputeerde been had is uitgezaaid naar onder andere haar lymfeklieren. Volgens de coassistenten hier zal ze niet veel meer dan een maand nog te leven hebben. Na een gesprek met haar, kwam ik erachter dat ze hier zelf niks van weet. Ze sprak over haar plannen nadat ze uit het ziekenhuis weg mag. Niet wetende dus dat dit niet gaat gebeuren. De vader van het jongetje is twee jaar geleden overleden. Over een aantal weken is hij dus officieel wees. Klein als hij is (hij blijkt nog maar 2,5 te zijn, maar hij is zo ontzettend wijs voor zijn leeftijd) heeft hij hier natuurlijk nog geen weet van. Maar ik en mijn collega whitemen hier wel. En dat breekt ons hart. Vooral ook omdat we weten dat hij hierna waarschijnlijk bij de pastoor zal blijven, waar hij niet al te goed wordt behandeld. Hij is nu, als wij er zijn, de hele dag (tenzij wij hem wegsturen) bij ons en daar vermaakt hij zichzelf (en ons ook) prima. Maar straks zijn wij weg en is hij weer op zichzelf aangewezen. En dat breekt ons hart nog het meest. Het verhaal van zijn moeder is afschuwelijk, maar ik krijg de indruk dat hij niet zo'n goede band heeft met zijn moeder. Ik vroeg hem laatst of hij blij was zijn moeder weer te zien. Het antwoord was een harde 'No'. Toen ik vroeg waarom zei hij: 'I'm happy to you'. Nou, dat moet je net tegen zo'n huilebalk als ik zeggen. Ik moest mijn best doen om mijn tranen binnen te houden, in plaats daarvan heb ik hem maar een dikke knuffel gegeven. Maar zo kwam ik dus op het idee om voorzichtig de vraag te stellen of er niet toevallig mensen zijn die dit geweldige kind heel misschien zouden willen adopteren. Dat klinkt misschien een beetje raar, dat vind ik zelf eigenlijk ook, maar het kind heeft zoveel in zijn mars, hij is al zo wijs, en zoals het er nu naar uitziet heeft hij gewoon geen toekomst. Maar het verhaal is nog niet klaar, maandagavond stond ineens zijn broertje bij ons in huis. Een ontzettend lieve jongen van 11 jaar oud. Niemand wist van zijn bestaan, maar sinds kort woont ook hij bij de pastoor en zijn vrouw. De twee jongens gaan ontzettend leuk met elkaar om, dat is leuk om te zien. Maar ook met deze jongen heb ik te doen, hij wordt in zijn nieuwe huis nu vooral ingezet om allerlei klusjes te doen. Om nog maar niet te spreken over de hulp die hij zijn zieke moeder moet bieden. Dus, ik ben er nog niet helemaal uit hoe ik iets voor deze kinderen ga doen. Maar iets ga ik doen. En dat met een deel van het sponsorgeld, ik neem aan dat niemand daar een probleem mee heeft en anders hoor ik het natuurlijk graag. Ik zit er nu aan te denken om de kleinste naar de peuterschool te sturen. Dit omdat hij echt slim is en zich nu ontzettend verveelt. Het oudste jongetje gaat al naar school. Dat wil zeggen, nu even niet, maar binnenkort gaat dat als het goed is weer gebeuren.

 

Dan misschien een rare overgang, maar ik kwam een artikel in een lokaal krantje tegen dat ik jullie niet wil onthouden Het illustreert alles waar ik nog steeds elke dag versteld van sta perfect (Denk er alleen wel even een klein, amateuristisch uitziend krantje met blauwe in plaats van zwarte inkt bij).

 

Woman vomits spider in Church

By Cletus Ndi

 

A housewife and mother of one, whose names Feedback got only as Victorine, reportedly vomited a spider and discharged some very stinking urine during a prayer and deliverance session in one of the Pentecostal Churches in Small Mankon last October 16, 2011. She was brought to the Church by the husband after moving from one hospital to the other and from one herbal home to the other.

                Eyewitness accounts say since this woman got married as a second wife to her husband she had never known any peace in her home. She had been sick throughout. Feedback learnt that the first wife was so disgruntled with her presence, especially after she had the first child with the husband. The first wife was childless despite her stay in the house.

                After this first child this second wife fell ill and for six years she had no child again. Besides, the husband had taken her from one hospital to the other and from one herbal home to the other. St the sorcerers’ she was told that the first wife had bewitched her and she will never bear a child again, neither she was going to regain her health.

                It was as a result of this that he husband decided to take him to this Pentecostal Church at Small Mankon that Sunday. During the prayer session the woman started behaving strangely, fell on the floor and started crying for help. Soon she started choking and finally committed a spider as the men of God and other Christians rushed to her help. Her husband stood speechless. Soon she discharged a good amount of some stinking urine and the rest of the people in church could barely stand the stench.

                The prayers then intensified as she kept wriggling and crying and shouting on the floor. She was later helped to clean herself and the husband took her home after the service in the company of some of the church members.

 

Tot de volgende keer,

 

Mayke

 

Ps. Superbedankt voor alle reacties, ontzettend leuk om te lezen!

7 reacties | Reageer

Volgende pagina »

Laatste foto's

Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Mount Cameroon

Laatste reacties

Meer reacties

Blijf op de hoogte!

Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.

E-mail adres: